Hadieth 7: a-Ddienu-Nnasiehah (de Godsdienst is het adviseren)

Categorie: 40 Nawawie

De zevende hadieth:
a-Ddienu-Nnasiehah (de Godsdienst is het adviseren)
  عَنْ تَميمٍ بنِ أوسِالدَّاريِّ رضي الله عنه: أنَّ النَّبيَّ صَلَّى اللَّهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ قال: الدِّينُ النَّصيحَةُ -ثلاثاً-، قُلْنا: لِمَنْ يا رَسُولَ اللهِ؟ قالَ: للهِ ولِكتابِهِ ولِرَسولِهِ ولأئمَّةِ المُسلِمِينَ وعامَّتِهم. رَواهُ مُسلمٌ.  

Transcriptie:

3an Tamiemi-bni Awsi-Ddaarie radiya-llaahu 3anhu, anna-nnabiyya salla-llaahu 3alayhi wa-sallam qaal: “a-ddienu-nnasiehah, a-ddienu-nnasiehah, a-ddienu-nnasiehah.” Qulnaa: “liman yaa rasoela-llaah?” qaala: “li-llaahi, wa-likitaabihi, wa-lirasoelihi, wa-li’a’immati-l-muslimiena wa-3aammatihim.” rawaahu Muslim.

Vertaling:

Tamiem ibn Aws a-Ddaarie radiya-llaahu 3anhu heeft verhaald, dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd heeft: “De godsdienst is het adviseren (dat zei hij driemaal)” Wij zeiden: “Jegens wie, o Boodschapper van Allaah?” Hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam zei: “Jegens Allaah, en voor Zijn Boek, en jegens Zijn Boodschapper, en jegens de imaams van de moslims, en jegens de algemenen onder hen.”  

De beoordeling van de hadieth

Deze hadieth is o.a. overgeleverd en sahieh verklaard door imaam al-Bukhaarie en imaam Muslim. Deze uitspraak is overgeleverd door imaam Muslim.

Ook is deze hadieth door andere geleerden overgeleverd met andere versies die in de uitleg behandeld zullen worden.

Imaam a-Nnawawie heeft gezegd: “De gehele Islaam draait om deze hadieth.” 

Biografie van Tamiem a-Ddaarie radiya-llaahu 3anhu

Tamiem a-Ddaarie radiya-llaahu 3anhu is: Tamiem ibn Aws ibn Khaaridjah ibn Sawd ibn Djudhaymah ibn Diraa3 ibn 3udayy ibn a-Ddaar ibn Haani’ ibn Habieb ibn Nammaazah ibn Lakham. Zijn Kunyah is: aboe Ruqayyah.

Voordat hij moslim werd was hij een Christen. In het jaar 9 van al-Hidjrah trad hij de Islaam in. Hij woonde in al-Medienah, maar verhuisde na de moord op 3uthmaan radiya-llaahu 3anhu naar Dimashq. De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam verhaalt van hem 2 ahaadieth, waarvan de hadieth waarin hij radiya-llaahu 3anhu de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam over de Dadjaal vertelt.

 

Uitleg:

“De godsdienst is het adviseren:”

Voordat de gehele zin uitgelegd wordt, moeten we weten wat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam bedoelt met het adviseren. Om dat op een juiste manier te kunnen uitleggen, moeten we het Arabische woord uitleggen.

A-nnasiehah (advies) betekent letterlijk in het Arabisch: zuiverheid, puurheid, oprechtheid, loyaliteit en het verhechten. Onder de technische Islamitische betekenis valt o.a.: het zuiver intenderen van verbetering bij de ander. Dit woord heeft geen woord als synoniem, dat dezelfde betekenis omvat. Het antoniem ervan is: bedrog, hypocrisie en onthechting. De resterende betekenissen, worden in-shaa’Allaah in de uitleg van de hadieth behandeld.

Om tot een juiste uitleg van de uitspraak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam te komen, moeten alle versies van deze hadieth met elkaar verzoend worden. Er zijn drie verschillende versies van deze hadieth. Deze versies leggen elkaar uit. De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam zegt in de versie die imaam a-Nnasaa’ie heeft overgeleverd:

“إنما الدين النصيحة.”

“Voorzeker, de godsdienst is slechts het adviseren.”

In deze versie benadrukt de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam, en beperkt hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam. Hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam benadrukt dat de godsdienst slechts uit het advies bestaat.

In een derde versie die imaam aboe Daawoed en imaam a-Nnasaa’ie hebben overgeleverd, zegt de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam:

“إنّ الدين النصيحة”

“Voorzeker, de godsdienst is het adviseren.”

De geleerden1 hebben gezegd: “De godsdienst is het adviseren.” is zoals de uitspraak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam: “De Hadj is 3arafah.”2, een overdreven beperking, waarin het belang van een zaak geduid wordt. De uitspraak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam zou volgens deze uitleg betekenen: “Het belangrijkste in de godsdienst is het adviseren.” Imaam a-Nnawawie heeft gezegd: “De uitspraak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam moet letterlijk genomen worden, en houdt een omvatting in. Het advies reikt tot alle doelen van de gehele godsdienst.”

De uitspraak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam betekent: “De godsdienst omvat slechts het adviseren.”3

De Islamitische godsdienst is namelijk gebaseerd op al-Ikhlaas (zuivere intentie), eerlijkheid en loyalisme jegens het goede.

 

“(dat zei hij driemaal)”

Wanneer de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam een zaak herhaalt, benadrukt hij daarmee het belang van die zaak. Hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam herhaalt soms zaken driemaal, maar soms ook vele malen, voor dezelfde reden.

 

“Jegens Allaah”

Het advies jegens Allaah betekent:  het geloven in Hem subhaanahu wa-ta3aalaa, Hem aanbidden met zuivere intentie, Hem geen deelgenoot toekennen, Hem middels Zijn geweldige en volmaakte eigenschappen beschrijven, alle gebrekkigheden jegens Hem ontkennen, Hem gehoorzamen, het onthouden van Zijn verboden, loyalisme omwille van Hem en schuw omwille Hem, de erkenning van Zijn gunsten, het aanhoudend tonen van berouw, op Hem vertrouwen en slechts zijn rechtssysteem en oordelen aanhouden. Ook valt hieronder dat men ontevreden wordt wanneer men ongehoorzaam aan Hem is subhaanahu wa-ta3aalaa.

Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa zegt:

  ﴿لَيْسَ عَلَى الضُّعَفَاءِ وَلَا عَلَى الْمَرْضَى وَلَا عَلَى الَّذِينَ لَا يَجِدُونَ مَا يُنْفِقُونَ حَرَجٌ إِذَا نَصَحُوا لِلَّهِ وَرَسُولِهِ مَا عَلَى الْمُحْسِنِينَ مِنْ سَبِيلٍ وَاللَّهُ غَفُورٌ رَحِيمٌ(التوبة: 91)
“Er rust geen last op de zwakken en niet op de zieken, noch op degenen die niets kunnen vinden om te besteden, wanneer zij nasiehah uiten jegens Allaah en Zijn Boodschapper. Tegen de weldoeners is er geen weg (om hen te beschuldigen). En Allaah is vergevensgezind, meest barmhartig.” (Aayah: 9/91).

Sufyaan a-Thawrie heeft ter uitleg van deze Aayah van aboe Thumaamah radiya-llaahu 3anhu overgeleverd: “De hawaariyyoen (de metgezellen van 3iesaa 3alayhi-ssalaam) vroegen: “O ziel van Allaah4, vertel ons wie de adviseur jegens Allaah is.” Hij 3alayhi-ssalaam zei: “Degene die het recht van Allaah vóór het recht van de mensen laat.”5

Dit betekent dat degene die het wereldse verlaat om het hiernamaals te bereiken degene is die de zuivere nasiehah uitgericht heeft.

Ook houdt het in dat men omwille van Hem subhaanahu wa-ta3aalaa een advies dient uit te geven. Dit houdt in dat men zijn intentie moet verzuiveren, wanneer men een advies uit wil geven. De voorwaarden van Ikhlaas daarvoor zijn:

         Dat deze aanbidding gericht is naar Allaah;

         Dat het middels kennis verricht wordt;

         Dat verbetering geïntendeerd wordt, en niet slechts kritiek;

         Dat het middels eerlijkheid en oprechtheid verricht wordt.

 

“en jegens Zijn Boek”

Het advies jegens Zijn Boek betekent: het geloven dat het het Woord van Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa, en Zijn neerzending is, dat niet op het woord van de mensen lijkt, en dat de mensen niet in staat zijn met het gelijke te komen. En de gehele inhoud ervan geloven, Hem gehoorzamen, loyalisme uitrichten jegens degenen die er loyaal aan zijn, en schuw uitrichten jegens degenen die er vijandigheid jegens uitrichten. En het hoogwaardig vereren, nemen als bron van kennis, ertoe oproepen, het onthouden van erover spreken middels onwetendheid, nadenken over zijn wonderen, praktiseren van de duidelijke zaken die zich erin bevinden en het aannemen en accepteren van en neerleggen bij zijn onduidelijkheden6. Ook hoort men zijn oordelen aan te houden, en middels zijn oordelen te berechten.

“en jegens Zijn Boodschapper”

Het advies jegens de Boodschapper van Allaah salla-llaahu 3alayhi wa-sallam betekent: het zekere geloof diep uit het hart dat door middel van de woorden van de tong geuit wordt, dat Muhammedsalla-llaahu 3alayhi wa-sallam (Allaah’s) dienaar is, en Zijn Boodschapper is die naar iedereen (is gestuurd); alle mensen en djinns. Allaah Subhaanahu Wa-Ta3aalaa zegt:

   ﴿يَا أَيُّهَا النَّبِيُّ إِنَّا أَرْسَلْنَاكَ شَاهِداً وَمُبَشِّراً وَنَذِيراً(45) وَدَاعِياً إِلَى اللَّهِ بِإِذْنِهِ وَسِرَاجاً مُنِيراً(الأحزاب:46)
-45- O Profeet, voorwaar, Wij hebben jou gezonden als een getuige en als een brenger van verheugende tijdingen en als een waarschuwer. -46- En als een oproeper tot Allaah, met Zijn toestemming, en als een verlichtende lamp.” (Aayah: 33/45-46).

 

Dus moet men in hem geloven, in alles wat hij verteld heeft van de geschiedenis die voorafgegaan is, en hetgeen wat (in de toekomst) nog plaats zal vinden. Ook moet men geloven in alles wat hij toegestaan heeft gemaakt, en wat hij verboden heeft gemaakt. Ook moet men hem volgen en zich onderwerpen aan hetgeen hij verplicht heeft, en afstand nemen en zich onthouden van hetgeen hij verboden heeft. Tevens moet men zijn wetgeving volgen en zich aan zijn manier houden, zowel in het openbaar als in het verborgene. Men moet ook met tevredenheid hetgeen waarover hij geoordeeld heeft accepteren, en zich daaraan onderwerpen. De gehoorzaamheid aan hem is gehoorzaamheid aan Allaah en de ongehoorzaamheid aan hem is ongehoorzaamheid aan Allaah, omdat hij Allaah’s boodschap overbrengt. Allaah heeft hem namelijk pas doen sterven totdat hij de boodschap helder en duidelijk heeft overgebracht en de religie compleet was. Hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam verliet zijn gemeenschap (ummah) met een wit (zuiver en duidelijk) bewijs, zijn nacht en zijn dag zijn gelijk; degene die vervolgens daar vanaf wijkt, zal vernietigd zijn.

Ook betekent het dat men oproept tot het goede en het slechte verbetert op de wijze van zijn Sunnah. Dit kan slechts gepaard gaan met kennis over zijn Sunnah, die men vóór de oproep of de verbetering hoort te vergaren.

 

“en jegens de imaams van de moslims”

Imaam betekent letterlijk in het Arabisch: ‘degene die gevolgd wordt’. Technisch (Islamitisch) betekent het de leider die gevolgd hoort te worden, en het wordt gebruikt in drie verschillende betekenissen, te weten: de imaam die de Salaah leidt, de geleerde die in zijn leer gevolgd wordt en de leider van een Islamitische staat. Advies jegens de imaams van de moslims hoort jegens al deze soorten uitgericht te worden, en betekent dat de moslim hun recht van het leiderschap dat zij verdienen, toekent en zich eraan onderwerpt, behalve wanneer zij zaken bevelen die in strijd zijn met de Islaam. De rechten van de a’immah betreffende hun leiderschap:

·        Onder het recht van de imaam die de Salaah leidt, valt o.a. dat hij binnen de door de Sunnah vastgestelde grenzen bepaalt wanneer het gebed wordt geleid, hoe snel het gebed gaat en welke Suwar hij leest.

·        En onder het recht van de imaam ‘de geleerde’, valt o.a. dat hij gevolgd moet worden in zijn juiste kennis en gehoorzaamd moet worden in hetgeen hij oordeelt, zolang het gebaseerd is op de Qur’aan en de Sunnah volgens de interpretatie van de metgezellen.

·        Tenslotte valt onder het recht van de leider van een Islamitische staat, o.a. dat hij gehoorzaamd wordt in al hetgeen hij oordeelt zolang dat niet in strijd is met de wetgeving van de Islaam. Ook valt hieronder dat men niet tegen hem in opstand komt, al wordt men onrechtvaardig behandeld, zolang hij niet buiten de Islaam treedt en/of de geleerden dat wegens de situatie van de moslims verbieden indien hij wel uit de Islaam zou treden.

 

Ook betekent het dat men hen hoort te respecteren, steunen in het goede, niet over hen te roddelen en te gehoorzamen. Tevens valt hieronder dat men hen middels het hoogwaardige respect dat zij verdienen, herinnert aan het goede en vermaant om zich van het slechte te weerhouden en of het te verlaten, hen te kennen geeft wat zij over het hoofd gezien hebben, en Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa smeekt hen naar het rechte pad te leiden.

 

“en jegens de algemenen onder hen”.

De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam benadrukt hiermee duidelijk het onderscheid tussen het adviseren van de imaams van de moslims en de algemenen onder hen, wegens het feit dat beide rangen verscheidene rechten hebben.

Het advies jegens de algemenen onder de moslims betekent dat de moslim hetgeen voor hen wenst, wat hij voor zichzelf wenst, , en voor hen hetgeen haat wat hij voor zichzelf haat, en eenieder onder hen zijn recht geeft dat hem toekomt, zoals ouders, broederschap in familie, broederschap in de Islaam, buurschap, echtgenootschap etc.

Ook valt hieronder dat degene met kennis hen niet onthoudt van de kennis en wijsheid die hij heeft, waarvan zij profijt kunnen hebben, zowel wereldse als hiernamaalse kennis.

Ook valt hieronder dat de moslim zijn broeder met oprechtheid behandelt, en de uiteengedreven broeders met elkaar verzoent.

Tevens valt hieronder dat men zijn broeder vermaant om het goede te verrichten en hen waarschuwt voor het verrichten van het slechte.

A-nnasiehah jegens elke moslim is een zeer essentieel aspect dat verplicht is. De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam liet zijn metgezellen radiya-llaahu 3anhum dit aspect beloven bij al-bay3ah7.

    عن جرير بن عبد الله قال: “بايعت رسول الله صلى الله عليه وسلم على إقام الصلاة وإيتاء الزكاة والنصح لكل مسلم” . متفق عليه.

Djarier ibn 3abdu-llaah heeft verhaald, hij zei: “Ik heb bij de Boodschapper van Allaah salla-llaahu 3alayhi wa-sallam al-bay3ah verricht, (waarin ik met hem het verbond aanging) betreffende het verrichten van de Salaah en het geven van de Zakaah en advies jegens elke moslim.”8

 

Ook zegt de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam in een hadieth die aboe a-Ssaa’ib radiya-llaahu 3anhu verhaalt: “Voorwaar, als iemand onder jullie zijn broeder om een advies vraagt, laat hem dan diegene adviseren.”9

 

A-nnasiehah is dus de onmisbare pilaar voor een goede, geordende en hechte maatschappij. Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa zegt:

  ﴿
وَالْعَصْرِ (1) إِنَّ الْإِنْسَانَ لَفِي خُسْرٍ (2) إِلَّا الَّذِينَ آَمَنُوا وَعَمِلُوا الصَّالِحَاتِ وَتَوَاصَوْا بِالْحَقِّ وَتَوَاصَوْا بِالصَّبْرِ (3)(سورة العصر)-1-Bij de Tijd -2-Voorzeker, de mens lijdt altijd verlies -3- Behalve degenen die geloven en goede daden verrichten en elkaar aansporen tot de waarheid en elkaar aansporen tot geduld.” (Soerah: 103).

Weet, geliefde broeder en zuster, dat het adviseren de meest nobele gedragsnorm binnen de Islaam is, en één van de pilaren van zuivere broederschap. Echter kan deze nobele norm niet geschieden, behalve wanneer men kennis ervan neemt en zich aan de voorwaarden en de ethiek ervan houdt. De voorwaarden van het adviseren hebben we reeds behandeld in het gedeelte van “advies jegens Allaah”. De ethiek van het adviseren kunnen we samenvatten in de volgende punten:

         Adviseren en niet weerleggen (deze definitie geldt voornamelijk voor de nietgeleerden onder de moslims jegens de a’immah van ahlu-ssunnah);

         Het behoud van respect, jegens zowel de a’immah als de algemene moslims

         Adviseren en niet voor schut zetten; dit houdt in dat de adviseur zijn advies niet uit mag richten in de aanwezigheid van derden. Daarmee mist de adviseur het doel van het adviseren, en misgaat hij de volmaakte Ikhlaas.

         Advies vanuit het hart treft het hart, en vice versa.

         Mildheid gedurende het advies.

         De juiste timing van advies uitkiezen.

         Niet wanhopen in het adviseren.

  De te plukken vruchten:

1.      A-nnasiehah omvat de gehele godsdienst.

2.      A-nnasiehah is het tegenovergestelde van bedrog en hypocrisie, vandaar dat wanneer de moslim ziet dat zijn broeder het slechte begaat en of wil begaan, en hij hem niet adviseert, hij hem bedriegt. Daarmee begaat hij een zonde, zoals de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam in een hadieth zegt, die aboe Hurayrah heeft verhaald: “Al wie ons bedriegt, voorwaar, hij behoort niet tot ons.”10.

3.      Men mag geen advies uitrichten alvorens men kennis neemt over de wijze waarop en hetgeen waarover geadviseerd wordt.

4.      A-nnasiehah bevindt zich zowel in de basis van al-Iemaan, de verplichte Iemaan als in de aanbevolen Iemaan.

5.      De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam drijft middels deze hadieth de moslims om nasiehah te praktiseren.

6.      De nasiehah bevindt zich in al-Islaam, al-Iemaan en al-Ihsaan, wegens het feit dat het de gehele godsdienst omvat.  


  1. Onder deze geleerden vallen o.a.: imaam ibn Daqieq al-3ied en imaam ibn Hadjar al-3asqalaanie. []
  2. In deze hadieth benadrukt de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam het feit dat 3arafah de belangrijkste handeling van al-Hadj is. []
  3. Einde citaat van imaam a-Nnawawie. []
  4. “ziel van Allaah” hiermee wordt bedoeld: de ziel die de bezitting is van Allaah. []
  5. Overgeleverd door imaam ibn aboe Haatim. []
  6. Hiermee wordt bedoeld dat zich in de Qur’aan zaken bevinden die voor vele mensen onduidelijk zijn, maar voor de geleerden duidelijk zijn. Wanneer men in de Qur’aan zaken treft die voor hem onduidelijk zijn, hoort men deze te accepteren, en te aanvaarden, en zich erbij neer te leggen, zoals ze in de Qur’aan voorkomen, zonder enige speculatie of filosofie eraan toe te voegen. Diegene hoort dan de geleerden te raadplegen over de zaken die voor hem onduidelijk zijn. Wanneer diegene de geleerden raadpleegt, zullen zij deze zaken middels de Sunnah van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam en de uitleg van de metgezellen verduidelijken. []
  7. “Al-bay3ah” betekent: de inhuldiging van een leider, en de erkenning van zijn leiderschap. Al-bay3ah voor de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam betekent dat men erkent dat hij de Boodschapper van Allaah is, en daarmee de leider van de moslims is. []
  8. Sahieh, deze hadieth is overgeleverd en sahieh verklaard door imaam al-Bukhaarie en imaam Muslim. []
  9. Hasan, deze hadieth is overgeleverd door imaam a-Ttabarie en hasan verklaard door imaam al-Albaanie. []
  10. Sahieh, deze hadieth is overgeleverd en sahieh verklaard door imaam Muslim. []