Vraag 24.: Wat is het bewijs voor de voorwaarde zuivere intentie (al-ikhlaas) vanuit het Boek (de Qur’aan) en de uitspraken van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam (a-Ssunnah)?

Antwoord: Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa zegt:

﴿أَلا لِلَّهِ الدِّينُ الْخَالِصُ(الزمر: من الآية3)

“Voorzeker, tot Allaah behoort de zuivere godsdienst.” (Aayah: 39/3).

En Hij subhaanahu wa-ta3aalaa zegt:

﴿فَاعْبُدِ اللَّهَ مُخْلِصاً لَهُ الدِّينَ(الزمر: من الآية2)

“aanbid daarom Allaah, Hem zuiver aanbiddend.” (Aayah: 39/2).

Ook heeft de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd: «“De gelukkigste persoon, die mijn voorspraak heeft op de Dag der Opstanding, zal degene zijn die zegt: “Er is geen god behalve Allaah,” met een zuivere intentie vanuit zijn hart.”»

Hij salla-llaahu 3alayhi wa-sallam zei ook: «“Voorwaar, Allaah heeft het hellevuur verboden gemaakt voor degene die zegt: “Er is geen god behalve Allaah,” met als enige verlangen naar Allaah’s gezicht.”»

Uitleg: De vijfde voorwaarde van ‘laa ilaaha illa-llaah’ is het zuiveren van de intentie van alle soorten van polytheïsme (Shirk). Men moet namelijk zijn aanbidding slechts naar één god richten, namelijk de God Die hem en het geheel geschapen heeft, Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa. De basis van zuivere intentie is dat men zijn aanbidding niet naar iemand naast Allaah richt. Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa zegt namelijk:

﴿أَلا لِلَّهِ الدِّينُ الْخَالِصُ (الزمر: من الآية3)

“Weet dat Allaah de zuivere aanbidding toekomt.” (Aayah: 39/3).

Wanneer men deze zuivere intentie niet heeft, zal men het paradijs niet binnen treden en zal hem geen voorspraak op de Dag des Oordeels baten.

عن أبي هريرة رضي الله عنه قال قال رسول الله صلى الله عليه وسلم: »أسعد الناس بشفاعتي يوم القيامة من قال لا إله إلا الله خالصا من قلبه أو نفسه « رواه البخاري

Aboe Hurayrah Moge Allaah behaagd met hem zijn heeft verhaald dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd heeft: «“De gelukkigste persoon, die mijn voorspraak heeft op de Dag der Opstanding, zal degene zijn die zegt: “Er is geen god behalve Allaah,” met een zuivere intentie vanuit zijn hart.”»[1]

Het monotheïsme is namelijk gebouwd op de zuivere intentie zoals we eerder hebben behandeld.[2]

عن عتبان بن ملك رضي الله عنه عن النبي صلى الله عليه وسلم قال: »إن الله حرم على النار من قال لا إله إلا الله يبتغي بذلك وجه الله« رواه البخاري ومسلم.

3utbaan ibn Maalik Moge Allaah behaagd met hem zijn heeft verhaald dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam heeft gezegd: «“Voorwaar, Allaah heeft het hellevuur verboden gemaakt voor degene die zegt: “Er is geen god behalve Allaah,” met als enige verlangen naar Allaah’s gezicht.”»[3]

Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa verplicht Zijn Boodschapper om Hem met een zuivere intentie te aanbidden. Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa heeft gezegd:

﴿فَاعْبُدِ اللَّهَ مُخْلِصاً لَهُ الدِّينَ(الزمر: من الآية2)

“aanbid daarom Allaah, Hem zuiver aanbiddend.” (Aayah: 39/2).

Degenen die zich niet met zuivere intentie in hun aanbidding naar Allaah richten, zijn de hypocrieten. Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa zegt:

﴿إِنَّ الْمُنَافِقِينَ فِي الدَّرْكِ الْأَسْفَلِ مِنَ النَّارِ وَلَنْ تَجِدَ لَهُمْ نَصِيراً (145) إِلَّا الَّذِينَ تَابُوا وَأَصْلَحُوا وَاعْتَصَمُوا بِاللَّهِ وَأَخْلَصُوا دِينَهُمْ لِلَّهِ فَأُولَئِكَ مَعَ الْمُؤْمِنِينَ وَسَوْفَ يُؤْتِ اللَّهُ الْمُؤْمِنِينَ أَجْراً عَظِيماً (النساء:145-146)

-145- Voorwaar, de huichelaars zullen op de laagste verdieping van het hellevuur zijn: jij zult nooit een helper voor hen vinden. -146- Behalve degenen die berouw hebben en zich beteren en zich aan Allaah vasthouden en hun godsdienst voor Allaah zuiveren: zij zijn degenen bij de gelovigen. En Allaah zal de gelovigen een geweldige beloning geven.” (Aayah: 4/145-146).

Zo zien we dat wanneer men de basis van zuivere intentie verliest, al zijn daden en aanbiddingen nietig worden verklaard, en behoort hij tot de hypocrieten. Maar degenen die zich met een zuivere intentie naar Allaah richten, zij zijn de gelovigen.

De voorwaarde voor volmaaktheid:

Als men de basis van de zuivere intentie in zijn hart heeft, maar in één van zijn aanbiddingen zijn intentie naar iets of iemand naast Allaah richt, wordt deze aanbidding van hem niet geaccepteerd.

عن أبي هريرة – رضي الله عنه – قال : قال رسول الله – صلى الله عليه وسلم – : »قال الله تبارك وتعالى : أنا أغنى الشركاء عن الشرك , من عمل عملا أشرك فيه معي غيري تركته وشركه «.

Aboe Hurayrah Moge Allaah behaagd met hem zijn heeft verhaald dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd heeft: «Allaah de Verhevene heeft gezegd: “Voorwaar, Ik ben de meest onafhankelijke onder de deelgenoten van polytheïsme. Voorwaar, wie een daad verricht waarin hij iemand anders als een deelgenoot naast Mij toekent, voorwaar, Ik laat hem en zijn Shirk.”»[4]

De geleerden zeggen namelijk, dat als men in de basis van een aanbidding zijn intentie naar iemand naast Allaah richt, zijn hele aanbidding dan wordt verworpen. Maar als men in de basis van een aanbidding zijn intentie slechts naar Allaah de Heilige richt, en vervolgens die aanbidding mooier maakt voor iemand anders, dan wordt hetgeen hij mooier gemaakt heeft verworpen.[5] Dat is namelijk de uitspraak van shaykh al-Albaanie en imaam ibn Qayyim al-Djawziyyah.



[1]Sahieh, deze hadieth is overgeleverd en sahieh verklaard door imaam al-Bukhaarie.

[2] Zie ook vraag 10.

[3]Sahieh, deze hadieth is overgeleverd en sahieh verklaard door imaam al-Bukhaarie en imaam Muslim.

[4]Sahieh, deze hadieth is overgeleverd en sahieh verklaard door imaam Muslim.

[5] Wanneer de moslimdienaar zijn gebed voor iemand anders dan Allaah mooier maakt, of een aanbidding verricht zodat de mensen hem daarmee prijzen, wordt deze handeling a-rriyaa’ oftewel schijnheiligheid genoemd. Tevens is dat de kleine Shirk waar de Profeet in zijn hadieth voor gewaarschuwd heeft. Dit zal nader in-shaa’-Allaah behandeld worden.