3Aa’ishah bint Abie Bakr

Categorie: Sahaaba

Na Khadiedjah en Fatima, wordt 3aa’isha beschouwd als de beste vrouw in de Islaam.

3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha werd 9 jaar voor de Hidjra geboren. Ze was de dochter van Aboe Bakr as-Siddieq radiya-llaahu 3anhu en Umm Rumaan. Ze trouwde met de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  op een zesjarige leeftijd na de tiende jaar van zijn profeetschap. Het huwelijk werd echter pas geconsumeerd toen zij negen jaar oud was. Hierbij was 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha de enige vrouw die nog maagd was toen de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  met haar het huwelijk in trad. De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  en 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha leefden negen jaar samen.

Het was Khawlah bint Haakim, de vrouw van 3Uthmaan ibn Madh3un, die na de dood van Khadidjah radiya-llaahu 3anha aan de Profeet voorstelde om met 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha te trouwen. Aboe Bakr radiya-llaahu 3anhu voltrok het huwelijk, en volgens 3Aa’ishah kreeg ze een bruidschat van vijfhonderd dirham. Volgens 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha  was dat het bedrag dat de Profeet normaliter in een bruidschat stopte.1

3Aa’isha werd grootgebracht door haar vader radiya-llaahu 3anhu, een man met veel kennis, een aangename verschijning en fatsoenlijke manieren. Daarenboven was hij de beste vriend van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam . Het grootste deel van haar kennis heeft ze op een jonge leeftijd opgedaan, en zo heeft zij een grote dienst aan de Islaam verleend door de kennis en het beoefenen van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  te verspreiden.

3AAISHAH’S RELATIE MET DE PROFEET

De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  hield veel van 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha door haar fysieke aantrekkingskracht en schoonheid, wat ook het geval was bij onder andere Zainab, Sefeyyah en Djuwairiyah radiya-llaahu 3anhu die evenveel of misschien zelfs meer schoonheid dan 3Aa’ishah hadden.

Sommige overleveringen onthullen de sterke relatie tussen de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  en 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu aan de hand van hun hartelijke en humoristische opmerkingen over elkaar.
Een keer klaagde 3Aa’ishah  radiya-llaahu 3anhu over hoofdpijn, dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  niet kon verdragen waardoor hij zelf ook hoofdpijn kreeg.2

Ook voerde de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  hardloopwedstrijden met 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu uit3, en liet hij haar eens op zijn schouders leunend naar Abbesijnse strijders kijken4.

De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam had de koosnaam 3Aa’ish voor 3Aishah radiya-llaahu 3anha gekozen.  3Aishah was de meest geliefde echtgenote van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  Vaak probeerde 3Umar ibn Al-Khattaab zijn dochter bewust te maken van dit feit. Het is overgeleverd dat hij een keer tegen zijn dochter zei: ”Jij bent niet als 3Aaishah, en jouw vader is niet net als haar vader.”

3Amr ibn Al-3Aas radiya-llaahu 3anhu was na de veldslag van As-Salaasal naar de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  gegaan, en vroeg aan hem: ”Van wie houdt u het meeste op deze hele wereld?” De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  zei: ”3Aaishah”. Daarna zei 3Amr radiya-llaahu 3anhu: ”O Boodschapper van Allaah, de vraag gaat over de mannen.” Daarna zei de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  : ”3Aaishah’s vader.”5

3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha stond bekend om haar jaloezie. Haar liefde voor hem was zo extreem dat ze jaloers zou worden als hij aan een andere van zijn vrouwen aandacht zou geven. Zo heeft ze de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  eens gevraagd: ”O Boodschapper van Allaah! Stel je voor dat je in een vallei zou bevinden waarin een boom staat waar van gegeten is, en er later achter zou komen dat er nog een boom is waarvan niet gegeten is. Onder welke boom zou je jouw kameel laten grazen? Hierop antwoordde de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  dat hij zijn kameel onder de boom zou laten grazen waarvan niet gegeten was.  Zij zei toen: ”En ik ben niet zoals een van je andere vrouwen, Ieder van hen heeft voor jou een andere echtgenoot gehad, behalve ik!”6

Over haar jaloezie op Khadiedja radiya-llaahu 3anha heeft 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha  het volgende gezegd:

”Ik was op niemand zo jaloers als op Khadija, omdat hij zich haar constant herinnerde en omdat hij soms een schaap slachtte, in stukjes hakte en een evenredig deel ervan naar haar vriendinnen stuurde. Vaak zei ik tegen hem: “Het lijkt wel of er nooit een andere vrouw op aarde heeft bestaan dan Khadija.” Daarop antwoordde hij: ”Zij was inderdaad een beschaafde vrouw en ik kreeg kinderen van haar.”7

Naast het feit dat 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha bekend stond om haar opvallende schoonheid, was 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha zeer intelligent, kundig en oplettend, en maakte ze veel kennis over de verschillende gebeurtenissen uit het leven van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  mee.

3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha  maakte veel dagen van armoede en leed mee. Ze bleef de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  bijstaan in de tijden van honger en oorlog. Tijden waarin er geen voedsel was om te koken en alleen maar op dadels en water werd geleefd. Dagen waarin vuur op het huis van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  werd afgestoken.

Een diepgaande studie over de relatie tussen de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  en 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha laat zien dat het in feite een spirituele en intellectuele relatie was, doordat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  vond dat 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha op een hoog niveau van spirituele kundigheid en intellectueel inzicht zat, waarbij ze inzicht in de betekenis van de Tawheed en kennis over de Islaam had.

HET INCIDENT VAN LASTER

Ondanks de sterke relatie tussen 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha en de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam , werden zij geconfronteerd met een zware beproeving, genaamd ‘het incident van laster’, waarin 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha werd beschuldigd van overspel. Door dit incident maakten de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam , 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu en haar ouders een moeilijke periode mee dat langer dan een maand duurde. Uiteindelijk werd 3Aa’ishah’s onschuld middels een openbaring van Allaah bewezen.

3Aa’ishah heeft het volgende over het incident verhaald:
”Telkens als de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  op reis ging, besloot hij om lootjes te laten trekken onder zijn vrouwen, zodat hij kon bepalen wie hem mocht vergezellen.  Tijdens de tocht naar Banoe Mustaliq mocht ik hem vergezellen. Op de terugweg richting Madinah, kwam de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  op een plek aan waar hij pauzeerde. In de nacht liep ik het kamp uit om mijn behoefte te doen. Tijdens mijn terugkeer realiseerde ik me dat mijn halsketting ergens gevallen was, hierop keerde ik terug om ernaar te zoeken. Mijn afwezigheid werd niet opgemerkt en in de tussentijd was het kamp vertrokken waardoor ik alleen werd achtergelaten. De mannen die mijn draagstoel optilden, merkten niet op dat ik er niet in zat vanwege mijn lichte gewicht dat door het voedseltekort van toen veroorzaakt werd.”
”Ik wikkelde mezelf in mijn laken om en ging op de grond liggen, hopend dat mijn vermissing opgemerkt zou worden waardoor een groep terug zou keren om mij op te halen. In de tussentijd viel ik in slaap, en in de ochtend trof Safwaan ibn Mu3attal as-Salami mij aan. Hij had herkende mij doordat hij mij voor de openbaring van de hidjaab verzen een aantal keren had gezien. Ik werd wakker en bedekte snel mijn gezicht met mijn laken Safwaan liet zijn kameel knielen, ging opzij staan en liet mij de kameel opklimmen.  daalde af en zette zijn been tegen de poot van de kameel om mij erop te laten klimmen. Safwaan leidde de kameel aan een touw totdat we het kamp in de middag naderden. Achteraf was ik erachter gekomen dat er misbruik van het incident werd gemaakt door mij te lasteren. 3Abdullaah ibn 3Ubay was de eerste die met de laster begonnen was. Toen ik in Madinah aankwam, voelde ik me ziek en bleef ik langer dan een maand in bed liggen. Hoewel ik onbewust was van de beschuldigingen die zich als een schandaal aan het verspreiden waren, kwamen deze beschuldigingen bij de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  aan. Het was mij opgevallen dat de Profeet zich geen zorgen maakte om mijn ziekte dat hij eerder wel deed. Hij kwam wel langs, maar zonder het direct aan mij te vragen, vroeg hij aan anderen hoe het met me ging. Het kwelde mijn gedachten dat er ergens iets mis was gegaan.”

Uiteindelijk vertelde de moeder van Mistab, een soldaat van de veldslag van Badr, aan 3Aa’ishah de roddels die over haar rondgingen.
”Nadat ik het vreselijke verhaal aan had gehoord, begon mijn bloed te stollen en daarop keerde ik onmiddellijk terug naar huis en bleef de hele nacht om het verhaal huilen.
De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  pleegde met 3Alie en Usamah ibn Zaid overleg over de kwestie. Beiden verdedigden 3Aa’ishah en stelden voor dat hij bij de slavin van 3Aa’ishah achter de waarheid zou komen. Daarop riep de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  haar en zei zij: ”Ik zweer bij Allaah die u gestuurd heeft met de Waarheid, dat ik nooit wat kwaadaardigs aan haar heb gezien, behalve dat ze in slaap valt wanneer nadat ik tegen haar zeg dat ze op het geknede deeg moet letten wanneer ik er niet ben, waardoor de geiten het deeg opeten.”

De geruchten bleven zich een maand langer verspreiden, en leverden veel angst en bedroefdheid bij de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  op. Ik huilde uit hopeloosheid en mijn ouders kregen zielsangst. Uiteindelijk kwam de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  ons op een dag bezoeken. Hij ging naast me zitten, wat hij vanaf het begin van het ontstaan van de geruchten nooit meer had gedaan. Aboe Bakr en Umm Rumaan kwamen ook naast ons zitten doordat ze het gevoel kregen dat er iets doorslaggevends zou gebeuren die dag. De Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  begon het gesprek met het volgende:
”3Aa’ishah, ik heb dit en dat over je gehoord, als jij onschuldig bent dan verwacht ik van Allaah dat hij jou onschuld zal verklaren. Maar als jij een zonde bent begaan dan moet je berouw tonen en Allaah om vergeving vragen. Wanneer een dienaar zijn schuld toegeeft en berouw toont, dan vergeeft Allaah hem.”

Terwijl ik zijn woorden aanhoorde, droogden de tranen in mijn ogen zich op. Ik keek naar mijn vader en verwachtte dat hij op de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  zou reageren, maar hij zei: ”Mijn dochter, ik weet niet wat ik moet zeggen.” Daarna keerde ik me naar mijn moeder, maar ook zij wist niet wat ze moest zeggen. Uiteindelijk zei ik: ”Jullie hebben allemaal iets over mij gehoord en het geloofd. Als ik nu zeg dat ik onschuldig ben en dat Allaah mijn getuige is, dan zullen jullie mij niet geloven. Maar als ik onterecht zou zeggen dat ik schuldig was, terwijl Allaah weet dat ik dat niet ben, dan zullen jullie mij wel geloven. Op dat moment probeerde ik me de naam van de profeet Ya3qub te herinneren. Vanwege de moeilijke situatie waar ik in gezet werd, zei ik: ”Ik kan niets behalve de woorden van de profeet Ya3qub herhalen:

”(Mijn) geduld is goed”  Yusuf 83

Na dit te zeggen, ging ik zitten en keerde ik me de andere kant op. In de tussentijd kwam de Goddelijke openbaring tot de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam, waarbij zweetdruppels die op parels leken zich op zijn gezicht vertoonden, zelfs in de harde winter.  We hielden allemaal onze adem in en bleven stil zitten. Wat mij betreft, ik was niet bang maar mijn ouders werden door de angst overvallen. Ze wisten niet wat de Goddelijke openbaring in zou houden. Toen zijn toestand over was, bleek de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  zeer blij te zijn.  Dolblij van geluk, waren zijn eerste woorden: ”Gefeliciteerd 3Aa’ishah, Allaah heeft het bewijs van jouw onschuld neergezonden.” Hierop reciteerde hij deze volgende tien verzen:

”Voorwaar, degenen die de laster naar voren brachten zijn een groep onder jullie. Denkt niet dat het slecht voor jullie is. Integendeel, het is goed voor jullie: een ieder van hen wordt belast voor de zonde die hij begin. En degene van hen die het grootste aandeel had: voor hem is er een geweldige bestraffing….” An-Noer 11-21

Mijn moeder zij hierna tegen mij: ”sta op en bedank de Profeet.” Daarop zei ik: ”Ik zal noch hem noch jullie bedanken, maar ik zal Allaah bedanken die mijn kwijtschelding heeft neergezonden. ” ((Een samenvatting van ahadith die in verschillende boeken gevonden werden, ‘The meaning of the Quran))
Dit was de eerste keer dat de hypocrieten in een grote groep deelnamen aan een tocht met de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam . ((Ibn Sa3d, Al-Magazi)) Ze probeerden altijd een plan tegen de moslims te bedenken. Deze keer probeerden zij op een zedeloze manier de Profeet en zijn gezin te onteren.

De gebeurtenis liet zien dat de 3Aa’ishah’s integriteit en liefde voor Allaah’s geloof buiten twijfel stonden. Het toonde ook haar liefde voor de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam , doordat ze niet de ernst van haar angst en lijden liet zien. Zo was ook de liefde van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  voor haar te zien toen hij de openbaring ontving waarin haar onschuld bewezen werd.

HET OVERLIJDEN VAN DE PROFEET

Toen de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  ziek werd, vroeg hij om de toestemming van zijn vrouwen om bij 3Aa’ishah te verblijven. Tijdens het overlijden van de lag de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  op de schoot van 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha, met zijn hoofd tussen haar borstkas en nek. 3Aa’ishah kauwde op de siwak van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  om het voor hem zacht te maken, waarmee hij zijn tanden schoon maakte. ((AL-Bukhaarie)) Het is ook overgeleverd dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  in hetzelfde hoekje waarin hij leunend tegen de borsten van 3Aa’isha overleed, begraven werd. 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu was achttien jaar oud toen de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  overleed.

3AAISHAH’S LEVEN NA DE DOOD VAN DE PROFEET

Na de dood van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam , bleef 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha in hetzelfde huis leven, en was ze de beheerder van zijn graf.
Na Khadiedjah en Fatima, wordt 3aa’isha beschouwd als de beste vrouw in de Islaam. Vanwege haar krachtige persoonlijkheid was ze een leider op elk gebied van kennis, in de maatschappij, in de politiek en in de oorlogen
3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu bleef altijd gerespecteerd en een vrouw van gezag waarbij kennis werd gezocht. Ze heeft meer dan 2210 ahadieth overgeleverd. Volgens sommige geleerden is een vierde deel van de Shari3ah regelgeving op haar overleveringen gebaseerd.

Ibn Daawoed heeft gezegd dat 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu, net als Hafsah radiya-llaahu 3anhu, een kopie van de Qur’aan had. Ze onderwees de regels van de Islaam aan mannen, vrouwen, kinderen, slaven, de metgezellen van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam  en hun taabi3un (opvolgers).

3Aa’ishah’s kennis was niet beperkt tot de hadith. 3Urwah ibn Zubair was van mening dat er niemand was die meer kennis dan 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anha  had over de Qur’aan, faraa’id (erfenis), halal en haraam, fiqh (jurisprudentie), poëzie, geneeskunde, Arabische geschiedenis en genealogie.

Een andere getuigenis van Imaam Az-Zahri luidt als volgt: “Als 3aa’isha’s religieuze kennis vergeleken zou worden met de kennis van alle vrouwen van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam en de kennis van sommige vrouwen in de wereld, dan nog zou haar kennis groter zijn.”

Aboe Moesa Al-3ashari heeft eens gezegd: ‘Als wij metgezellen van de Boodschapper van Allah het ergens over oneens waren, vroegen we 3aa’ishah om raad.’

Tevens was 3Aa’ishah radiya-llaahu 3anhu degene die de mensen leidde die om wraak zwoeren na de moord op 3Uthmaan radiya-llaahu 3anhu.

HET OVERLIJDEN VAN 3AISHAH

3Aishah stierf uiteindelijk in het jaar 57 NH, op een ongeveer 66-jarige leeftijd tijdens het kalifaat van Mu3aawiyah radiya-llaahu 3anhu. Haar overlijden gebeurde 49 jaar na het overlijden van de profeet, en werd begraven in Al-Baqie3 in Madinah.

Na Khadiedja en Fatimah radiya-llaahu 3anhum , wordt 3A’ishah radiya-llaahu 3anha  beschouwd als de beste vrouw in de Islaam. Vanwege haar krachtige persoonlijkheid was ze een leider op elk gebied van kennis, in de maatschappij, in de politiek en in oorlogen.______________________________________________________________ 

BRONNEN:

http://sisters.islamway.com/modules.php?name=Sections&op=viewarticle&artid=12
http://islamicweb.com/history/aishah.htm

 


  1. Muslim en Ahmad []
  2. AL-Bukhaarie []
  3. AL-Bukhaarie []
  4. Aboe Daawoed []
  5. Al-Bukhaari en Muslim []
  6. AL-Bukhaarie []
  7. Al-Bukhaari en Muslim []