6.13. De influistering tijdens de Salaah

Hadieth 76

وَعَنِ اِبْنِ عَبَّاسٍ رَضِيَ اَللَّهُ عَنْهُمَا; أَنَّ رَسُولَ اَللَّهِ صلى الله عليه وسلم قَالَ: «يَأْتِي أَحَدَكُمُ الشَّيْطَانُ فِي صَلاتِهِ، فَيَنْفُخُ فِي مَقْعَدَتِهِ فَيُخَيَّلُ إِلَيْهِ أَنَّهُ أَحْدَثَ، وَلَمْ يُحْدِثْ، فَإِذَا وَجَدَ ذَلِكَ فَلا يَنْصَرِفُ حَتَّى يَسْمَعَ صَوْتًا أَوْ يَجِدَ رِيحًا». أَخْرَجَهُ اَلْبَزَّار وَأَصْلُهُ فِي اَلصَّحِيحَيْنِ مِنْ حَدِيثِ عَبْدِ اَللَّهِ بْنِ زَيْد. وَلِمُسْلِمٍ: عَنْ أَبِي هُرَيْرَةَ نَحْوُهُ.

 

3abdu-llaah ibn 3abbaas radiya-llaahu 3anhumaa heeft verhaald dat de Boodschapper van Allaah salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd heeft: “De shaytaan komt tot iemand onder jullie tijdens zijn Salaah en blaast in zijn achterste, waardoor hij zich verbeeldt dat hij uitgescheiden heeft, terwijl hij niet uitgescheiden heeft. Als men dit ondervindt, laat hem niet (uit zijn Salaah) treden, totdat hij een geluid hoort of een geur ruikt.”[1]

 

Oordelen:

Deze hadieth bewijst dat de shaytaan zelfs tijdens de meest geweldige aanbidding in staat is de mens af te leiden.

Deze hadieth bewijst dat men elke soort van influistering moet negeren, omdat het geen bederver is van de wudoe’, ook al voelt men iets.

Deze hadieth is ook een bewijs dat de wudoe’ pas bederft, als men iets hoort of ruikt.[2]

 

Hadieth 77

وَلِلْحَاكِمِ. عَنْ أَبِي سَعِيدٍ مَرْفُوعًا: «إِذَا جَاءَ أَحَدَكُمُ الشَّيْطَانُ، فَقَالَ: إِنَّكَ أَحْدَثْتَ، فَلْيَقُلْ: كَذَبْتَ». وَأَخْرَجَهُ اِبْنُ حِبَّانَ بِلَفْظِ: «فَلْيَقُلْ فِي نَفْسِهِ».

 

Aboe Sa3ied al-Khudrie radiya-llaahu 3anhu heeft verhaald (dat de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam gezegd heeft): “Als de shaytaan naar iemand onder jullie komt (tijdens zijn gebed), en zegt: “Voorzeker, jij hebt uitgescheiden”, laat hem dan zeggen: “Voorwaar, jij liegt.”[3] En in een andere uitspraak bij imaam ibn Hibbaan: “Laat hem in zichzelf zeggen.”

 

Oordelen:

Deze hadieth is een bewijs dat wanneer de shaytaan bij iemand tijdens zijn gebed komt, en bij hem influistert dat hij heeft uitgescheiden, en hij geen geluid hoort en geen geur ruikt, hij tegen de shaytaan hoort te zeggen: “Voorwaar, jij liegt.” Vervolgens hoort hij zijn Salaah af te maken.


[1] Sahieh, deze hadieth is overgeleverd door imaam al-Bazzaar en de originele hadieth bevindt zich in de sahiehayn en is overgeleverd door 3abdullaah ibn Zayd moge Allaah met hem behaagd zijn, en bij imaam Muslim is het overgeleverd door aboe Hurayrah moge Allaah met hem behaagd zijn.

[2] Zie ook hadieth 65.

[3] Sahieh, deze hadieth is overgeleverd door imaam al-Haakim en imaam ibn Hibbaan, en is sahieh verklaard door imaam al-Albaanie.