10.7. De kraamvrouw en de kraamperiode

Categorie: De Menstruatie

Hadieth 137

وَعَنْ أُمِّ سَلَمَةَ رَضِيَ اَللَّهُ عَنْهَا قَالَتْ: «كَانَتِ اَلنُّفَسَاءُ تَقْعُدُ فِي عَهْدِ رَسُولِ اَللَّهِ صلى الله عليه وسلم بَعْدَ نِفَاسِهَا أَرْبَعِينَ». رَوَاهُ اَلْخَمْسَةُ إِلا النَّسَائِيَّ، وَاللَّفْظُ لأبِي دَاوُد وَفِي لَفْظٍ لَهُ: «وَلَمْ يَأْمُرْهَا اَلنَّبِيُّ صلى الله عليه وسلم بِقَضَاءِ صَلاةِ اَلنِّفَاسِ». وَصَحَّحَهُ اَلْحَاكِم.

Umm Salamah radiya-llaahu 3anhaa heeft verhaald, zij zei: “In de tijd van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam onthield de ‘nufasaa’’ (kraamvrouw) zich veertig dagen (van de Salaah en het vasten), vanaf haar bevaling.”[1] En in een uitspraak: “En de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam beval haar niet om haar Salaah in te halen, (die ze) gedurende haar ‘nifaas’ (kraamperiode) (niet gebeden had).”[2]

Bewijsstukken:

Imaam a-Ttirmidhie heeft gezegd: “De geleerden onder de metgezellen van de Profeet salla-llaahu 3alayhi wa-sallam en de Taabi3ien en degenen na hen hebben overeenstemming dat de kraamvrouw zich veertig dagen (van de Salaah) onthoudt, behalve als zij de tuhr daarvóór ziet. In dat geval hoort zij de ghusl te verrichten en te bidden. Maar als zij na die veertig dagen nog bloedt, hoort ze volgens vele wetsleergeleerden -waaronder de imaams: Sufyaan a-Thawrie, ibn al-Mubaarak, a-Shaafi3ie, Ahmad en Ishaaq ibn Raahawih- het gebed niet te verlaten.”[3]

Oordelen:

Deze hadieth en overeenstemming bewijzen dat de maximale kraamtijd van de vrouw veertig dagen is. Dat betekent dat wanneer de kraamvrouw na veertig dagen nog steeds bloed ziet, zij hetzelfde oordeel heeft als de mustahaadah.

Deze hadieth en overeenstemming bewijzen ook dat de vrouw gedurende haar kraamperiode niet mag bidden of vasten.

De hadieth bewijst ook dat de vrouw haar Salaah -die ze gedurende haar kraamperiode heeft gemist- niet hoeft in te halen.

Ook bewijzen beide bronnen dat als de kraamvrouw de tuhr binnen veertig dagen ziet, zij de ghusl hoort te verrichten, en vervolgens zoals gewoonlijk kan bidden.

Imaam a-Shawkaanie zegt: “De geleerden hebben overeenstemming dat de kraamperiode gelijk is aan de menstruatieperiode betreffende hetgeen wat halaal, waadjib en haraam is.”[4]

Einde Boek ‘De reiniging’.

Met de steun en de wil van Allaah subhaanahu wa-ta3aalaa is dit voltooid.

Alle lof zij Allaah de Almachtige de Alwetende subhaanahu wa-ta3aalaa.


[1] Hasan-sahieh, deze hadieth is overgeleverd door imaam aboe Daawoed, imaam a-Ttirmidhie, imaam ibn Maadjah en imaam Ahmad en is hasan-sahieh verklaard door imaam al-Albaanie.

[2] Hasan, deze hadieth is overgeleverd door imaam aboe Daawoed -waarvan deze uitspraak is- en imaam al-Haakim en is hasan verklaard door imaam al-Albaanie.

[3] ‘Sunan a-Ttirmidhie’.

[4] ‘Nayl al-awtaar’.